Wim Couwenberg en de Doorbraakgedachte

een reactie op Wim Couwenberg

Met alle achting voor Wim Couwenberg, de PPR had niets met de Doorbraakgedachte van doen. De Doorbraak was inderdaad een uitvloeisel, na 1945, van de gedachte dat de politiek ‘antithese’ tussen christelijke en seculiere partijen haar tijd had gehad.

Het ontstond in het gijzelaarskamp in Sint-Michielsgeste, onder de bezetting. De aanhangers organiseerden zich na 1945 in de Nederlandsche Volksbeweging. De NVB bracht oorspronkelijk zowel progressieve als behoudende mensen bijeen, o.l.v. Wim Schermerhorn, de eerste na-oorlogse minister-president. Doel was een partijstelsel zonder de confessionele partijen.

De Doorbraak-mensen ontwikkelden een politiek program gebaseerd op het personalisme van Denis de Rougemont, en ook van Emmanuel Mounier, met zijn blad Esprit. En zij gingen het ‘personalistisch socialisme’ noemen. Deze ontwikkeling ging de behoudende medestanders te ver. Toen de Partij van de Arbeid, product van deze ontwikkeling, in1946 voor het eerst aan de verkiezingen deelnam bleken de christelijken (KVP, ARP en CHU) nog springlevend.

Het ging dus niet om een sociaal-democratische ‘doorbraak’, al bleek uiteindelijk dat de PvdA vooral was voortgekomen uit de vooroorlogse SDAP, en de veel kleinere links vrijzinnig democraten.

De PPR was vrucht van heel andere ontwikkelingen. Vooral die van de jaren zestig, begin zeventig. Juist als reactie op de terugkeer van oude orde, na de oorlog, rebelleerde een hele generatie. Overal in de westerse wereld: in de VS, Duitsland, Frankrijk, maar ook Nederland. 1968 (oprichting van de PPR) was daarvan zelfs een sleuteljaar.

Uit de vernieuwingsbeweging van die jaren kwam ook de PPR voort. Voor PPR’ers was ‘de radicaliteit van het Evangelie’ reden om zich af te keren van hun behoudende christelijke partijen, vooral KVP en ARP. Zoals Henri Faas toen schreef: wij wilden een radicaal-hervormende politiek. De ‘theologie van de revolutie’, die vanuit Zuid-Amerika over kwam waaien (Dom Helder Camara), was eerder daarvan de wortel, dan de sociaal-democratie. Dat sloot natuurlijk niet uit dat de PvdA een natuurlijke bondgenoot was.

Maar Wim Couwenberg heeft die oorsprong van de PPR nooit helemaal begrepen, zoals ik al eerder heb moge vaststellen. Hij was eerder een D’66’er.

Erik Jurgens, Amsterdam, 15.10.19